
Het aantal zzp’ers in zorg en welzijn daalde in 2025, maar lang niet overal en lang niet zo breed als het politieke debat suggereert. Dat blijkt uit een onderzoek dat het Arbeidsmarktfonds Zorg en Welzijn (AZW) liet uitvoeren door onderzoeksbureau Panteia. De inzet van zelfstandigen verschilt zo sterk per branche, beroep en regio dat één verhaal over “de zorg-zzp’er” de werkelijkheid tekortdoet.
Het rapport, gedateerd 20 mei 2026, brengt bestaande databronnen samen en zet ze bewust naast de beeldvorming in media en politiek. Daarmee haalt het twee karikaturen onderuit: die van de zelfstandige als fiscaal probleem en die van de zelfstandige als onmisbare noodoplossing. Voor zelfstandigen is dat relevanter dan een losse cijferupdate, omdat het laat zien waar het publieke beeld klopt en waar het scheef ligt.
De daling is echt, maar niet sectorbreed
Over de lange termijn, van 2013 tot en met 2024, groeide het aantal zzp’ers in zorg en welzijn fors. In 2025 is voor het eerst een trendbreuk zichtbaar, en de onderzoekers koppelen die aan het einde van het handhavingsmoratorium per 1 januari 2025, waarop organisaties en zelfstandigen vooruitliepen. De afname concentreert zich echter: ze is vooral zichtbaar in de thuiszorg en de kinderopvang, terwijl de inzet in andere branches stabiel blijft of slechts beperkt terugloopt.
Een werkgeversenquête uit het tweede kwartaal van 2025 onderstreept dat. Daarin meldt 26,2 procent van de werkgevers een afname van zzp-inzet tegenover 4,9 procent een toename; 69 procent ziet geen verandering. Alleen bij huisartsen en gezondheidscentra (43,8 procent) en in de verpleging, verzorging en thuiszorg (42,7 procent) rapporteert een grote groep wél een duidelijke afname. En tegenover die daling staat geen verschuiving naar duurdere flexvormen: slechts 3,6 procent van de werkgevers ging meer met uitzendkrachten of gedetacheerden werken.
Tegelijk blijft de arbeidsmarkt structureel zeer krap. Het spanningscijfer voor zorg- en welzijnsberoepen liep volgens UWV-cijfers op van 6,3 in 2023 naar 7,4 in 2025. Minder zzp’ers lost het personeelstekort dus niet op: de behoefte aan flexibele inzet verdwijnt niet wanneer de zelfstandige verdwijnt.
Niet de regels drijven de keuze, maar de autonomie
De politieke discussie gaat bijna volledig over de contractvorm en de vraag of de zelfstandige eigenlijk een verkapte werknemer is. Het rapport laat zien dat zelfstandigen zelf in een heel andere taal over hun keuze praten. Veruit de belangrijkste reden om zzp’er te worden is autonomie: 48,4 procent noemt zelf bepalen hoeveel en wanneer er gewerkt wordt. Daarna volgen werk en privé beter combineren (29,4 procent) en betere zorg kunnen geven (23,4 procent).
Dat sluit aan bij wat zelfstandigen over hun werk rapporteren. 87,7 procent van de zzp’ers is tevreden met het werk tegenover 77,0 procent van de werknemers, en zzp’ers ervaren beduidend minder vaak een hoge werkdruk (26,4 tegenover 41,2 procent). Veelzeggender is wat zelfstandigen niet noemen: van de kleine groep die liever terug zou willen naar loondienst, wijst maar 17 procent op het risico om als schijnzelfstandige te worden aangemerkt. De doorslag geven klassieke arbeidsvoorwaarden, met financiële zekerheid (71,5 procent) voorop.
Handhaving stuurt de werkgever, niet de zelfstandige
De handhaving raakt de zorg-zzp’er vooral indirect, via het gedrag van werkgevers. Van de werkgevers die het afgelopen jaar voormalige zzp’ers in dienst namen, koppelt 65,5 procent dat aan de handhaving door de Belastingdienst; in de huisartsenzorg loopt dat op tot bijna 80 procent. Maar in de afweging van de zelfstandige zelf om door te gaan of te stoppen, speelt diezelfde handhaving een ondergeschikte rol.
Dat onderscheid is precies waar het door de overheid medegefinancierde onderzoek de aanname onder het handhavingsbeleid ondergraaft: niet de aanname dat handhaving nodig is, maar de aanname dat zzp-inzet in de zorg overwegend verkapte dienstbetrekking is die rechtgezet moet worden. Dat zorgorganisaties desondanks terughoudend blijven met zelfstandigen, laat zien hoe sterk dat beeld doorwerkt in de praktijk. De data tekenen een ander beeld: een diverse groep die in specifieke branches onmisbaar is voor continuïteit, gedreven door autonomie, en die zich grotendeels bewust voor zelfstandigheid heeft gekozen.
Heen en terug: zzp-schap als fase, niet als eindpunt
Het hardnekkigste misverstand dat het rapport corrigeert, is dat van eenrichtingsverkeer. De arbeidsmarkt in zorg en welzijn kent juist een hoge mobiliteit in beide richtingen. Tussen 2016 en 2022, ruim voor de handhavingsomslag, nam de overstap van loondienst naar zzp toe met 84 procent, maar er is ook structureel terugkeer: ongeveer een vijfde van de professionals die zelfstandige werden, zit na vijf jaar weer in loondienst. Daarnaast combineert 27 procent van de zorg-zzp’ers het zelfstandige werk met een baan in loondienst, oplopend tot 40 procent in de jeugdzorg.
Zzp-schap is in deze sector dus zelden een definitieve breuk met loondienst, maar onderdeel van een loopbaan waarin professionals tussen contractvormen schuiven. Dat dezelfde patronen in andere sectoren zoals de kinderopvang en het onderwijs terugkeren, onderstreept dat het hier om een structureel kenmerk van de arbeidsmarkt gaat en niet om een tijdelijk effect van de handhaving. Dat staat haaks op het beleidsbeeld waarin de overstap naar zzp impliciet als een te corrigeren afwijking wordt gezien.
Een rapport zonder belang, in een dossier vol belangen
De waarde van dit onderzoek zit niet in een nieuw schokkend cijfer, maar in de toon. Het AZW-programma, gefinancierd vanuit de sector zelf, kiest er expliciet voor om feiten en mediabeelden naast elkaar te leggen en zich te onthouden van normatieve conclusies. Dat is opvallend in een dossier waarin vrijwel elke betrokken partij een belang heeft. Wie de cijfers zelf wil nalezen, vindt het volledige AZW-rapport online.
De onderzoekers concluderen dat het debat te lang over de contractvorm ging in plaats van over de balans tussen flexibiliteit en stabiliteit die werkgevers én werkenden zoeken. Voor zelfstandigen in de zorg biedt dat houvast. Zolang die balans niet het uitgangspunt wordt, dreigt beleid te sturen op een beeld dat het eigen onderzoek van de sector niet bevestigt.
Bron: AZW (Arbeidsmarktfonds Zorg en Welzijn) · Panteia · UWV · CBS
Redactie ZZP Nieuws – Redactie ZZP Nieuws publiceert sinds 2014 dagelijks nieuws, duiding en achtergronden voor zelfstandig ondernemers in Nederland. De redactie werkt vanuit primaire bronnen — Rijksoverheid, rechtspraak, Kamerstukken en CBS — en plaatst ontwikkelingen waar mogelijk in de context van eerdere wetgeving en beleid. Onafhankelijkheid van overheid, vakbonden en commerciële partijen staat voorop. Lees meer over de redactie.
