
Update · 3 juli 2026
Temper heeft bekendgemaakt in cassatie te gaan bij de Hoge Raad. CEO Matthijs Tetteroo laat weten dat het platform de stap zet omdat de uiteenlopende uitspraken van rechtbank en hof volgens Temper om definitieve duidelijkheid van de hoogste rechter vragen. Omdat het arrest niet uitvoerbaar bij voorraad is verklaard, hoeft Temper de uitspraak niet uit te voeren zolang de cassatie loopt. Lees meer: Temper stapt naar Hoge Raad.
Het gerechtshof Amsterdam heeft dinsdag beslist dat mensen die via Temper werken geen zelfstandigen zijn, maar uitzendkrachten. Daarmee vernietigt het hof het vonnis van de rechtbank uit juli 2024 en verklaart het voor recht dat tussen Temper en alle werkers sinds 2016 een uitzendovereenkomst bestaat in de zin van artikel 7:690 BW. De uitspraak draagt kenmerk ECLI:NL:GHAMS:2026:1612.
De zaak draait om de vraag die de hele platformeconomie raakt: is een app die werkers aan opdrachtgevers koppelt een neutraal prikbord, of een uitzendbureau in een digitale jas? Vakbonden FNV en CNV procederen sinds 2020 tegen Temper. De rechtbank gaf het platform vorig jaar nog gelijk. Het hof komt nu tot het tegenovergestelde oordeel, en doet dat op basis van dezelfde toets die de rechtbank gebruikte.
Hetzelfde Deliveroo-kader, andere weging
Beide instanties beoordelen de relatie via de negen gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest van de Hoge Raad uit 2023. Het verschil zit niet in het kader, maar in de weging. De rechtbank hechtte zwaar aan de formele opzet: Temper betaalt geen loon uit (dat loopt via factoringmaatschappij Finqle) en werkers mogen klussen weigeren. Het hof kijkt naar het geheel van de relatie en komt tot een ander oordeel.
Volgens het hof is Temper nauw betrokken bij de manier waarop de afspraken tot stand komen en bij de beloning. Het platform staat geen tarief onder het minimumloon toe, toont opdrachtgevers wat vergelijkbare klussen in de regio opleveren en raadt werkers op de eigen website af om te onderhandelen, met de waarschuwing dat dit de kans verkleint om gekozen te worden. Daarmee is Temper meer dan een bemiddelingssite, en de vergelijking die het platform zelf maakte met eBay, Marktplaats, Airbnb en Vinted gaat volgens het hof niet op.
De kern: de werker loopt geen ondernemersrisico
Hier ligt het punt dat de zzp’er-lezer moet meenemen. Het hof toetst expliciet of de Temper-werker zich als ondernemer gedraagt, en concludeert van niet. De werker loopt geen commercieel risico: hij verkoopt zijn vordering aan Finqle, krijgt tegen 2,9 procent inhouding direct betaald en draagt zo geen risico op wanbetaling. Substantiële eigen investeringen zijn bij dit werk niet aannemelijk, oordeelt het hof, want het gaat om functies als bezorging, schoonmaak, housekeeping en horeca, waarvoor geen eigen bedrijfsmiddelen nodig zijn.
Het cijfermateriaal onderstreept dat. Bij een gemiddeld uurtarief van 20,78 euro in 2025 verhoudt echt ondernemerschap, gericht op winst, zich slecht met de kosten die een zelfstandige draagt en een werknemer niet: verzekeringspremies, pensioen, btw-afdracht. En hoewel 91 procent van de werkers een btw-nummer heeft, beschikt maar 53 procent over een KvK-inschrijving. Bijna de helft kan zich dus formeel niet eens als ondernemer gedragen. Een btw-nummer alleen maakt je nog geen zelfstandige.
De lijn die zich al jaren aftekent
Het arrest staat niet op zichzelf. Het past in een reeks waarin rechters en toezichthouders consistent door de juridische verpakking heen kijken naar de feitelijke verhouding. De Nederlandse Arbeidsinspectie concludeerde al in 2021 dat Temper in 2018-2019 feitelijk als uitzendbureau functioneerde. Bij maaltijdbezorger Deliveroo kregen de bonden gelijk. En vorig jaar oordeelde de Arbeidsinspectie dat ook wie via YoungOnes bij H&M werkt geen zzp’er maar uitzendkracht is. Dezelfde toets, telkens dezelfde richting bij platforms die strak sturen op werving, toegang en beloning.
Wat het hof wél en níét toewijst
Hier is nuance op zijn plaats, want de berichtgeving suggereert grote nabetalingen en die staan niet in het arrest. Het hof wijst twee dingen toe: de verklaring voor recht dat sprake is van een uitzendovereenkomst, en de vaststelling dat Temper tussen 2016 en april 2019 in strijd met artikel 9 van de Waadi 1 euro per gewerkt uur aan werkers vroeg. Daarnaast moet Temper 3.357,75 euro aan incassokosten betalen. De cao-schadevordering en de vordering om opdrachtgevers hoofdelijk aansprakelijk te stellen voor achterstallig loon zijn juist afgewezen of niet-ontvankelijk verklaard. De zaak ging om 61.292 werkers en ruim 1,3 miljoen klussen, maar wat de uitspraak concreet aan loon- of premieaanspraken oplevert, moet in vervolgprocedures of onderhandelingen blijken.
Cassatie en het fiscale spoor
Temper kan nog naar de Hoge Raad. Voor de zzp’er die meekijkt, blijft één nuance scherp: een civiele uitspraak over de vraag of er een arbeidsovereenkomst is, bindt de Belastingdienst niet automatisch. Civiele kwalificatie en fiscale behandeling zijn aparte sporen, zoals ook speelt bij de handhaving op schijnzelfstandigheid die sinds 2025 weer loopt. De richting is intussen gezet. De rechtspraak schuift stap voor stap op naar een arbeidsmarkt waarin de feitelijke verhouding zwaarder weegt dan de gekozen contractvorm. Voor de echte zelfstandige, die wél investeert en wél risico draagt, is dat geen bedreiging maar een afbakening.
Bron: Gerechtshof Amsterdam ECLI:NL:GHAMS:2026:1612 · Hoge Raad ECLI:NL:HR:2023:443 · Nederlandse Arbeidsinspectie
Redactie ZZP Nieuws – Redactie ZZP Nieuws publiceert sinds 2014 dagelijks nieuws, duiding en achtergronden voor zelfstandig ondernemers in Nederland. De redactie werkt vanuit primaire bronnen — Rijksoverheid, rechtspraak, Kamerstukken en CBS — en plaatst ontwikkelingen waar mogelijk in de context van eerdere wetgeving en beleid. Onafhankelijkheid van overheid, vakbonden en commerciële partijen staat voorop. Lees meer over de redactie.
