Flex-wet aangenomen door Tweede Kamer: dit betekent het voor zzp’ers

Geplaatst op
Het Binnenhof in Den Haag, waar de Tweede Kamer op 12 mei 2026 instemde met de Wet meer zekerheid flexwerkers
Beeld: Valentin Ivantsov (Pexels), redactie ZZP Nieuws © 2026

De Tweede Kamer heeft dinsdag 12 mei 2026 met ruime meerderheid ingestemd met de Wet meer zekerheid flexwerkers. Voor zzp’ers verandert er door deze wet inhoudelijk niets. De wet beperkt nulurencontracten, draaideurconstructies met tijdelijke contracten en versterkt de positie van uitzendkrachten. De nieuwe regels gelden uitsluitend voor werknemers en uitzendkrachten.

Wat de wet wel regelt

Nulurencontracten worden vervangen door bandbreedtecontracten met een minimum- en maximumaantal uren. Het maximum mag niet meer dan 130 procent boven het minimum liggen. De ketenregeling — maximaal drie tijdelijke contracten in drie jaar — blijft bestaan, maar de tussenpoos waarna een werkgever opnieuw met een tijdelijk contract mag beginnen wordt verlengd van zes maanden naar 36 maanden. Een amendement van Tweede Kamerlid Mariëtte Patijn (GroenLinks-PvdA) verkortte deze termijn van de oorspronkelijk voorgestelde vijf jaar. Uitzendkrachten en gedetacheerden krijgen recht op minimaal gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden als reguliere werknemers bij de inlener. De minister krijgt daarnaast de bevoegdheid om per algemene maatregel van bestuur specifieke arbeidsvoorwaarden aan te wijzen waarvan in cao’s niet mag worden afgeweken.

Waarom dit zzp’ers niet raakt

De wet wijzigt het Burgerlijk Wetboek, de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs en de Wet financiering sociale verzekeringen — kaders die uitsluitend van toepassing zijn op werknemers en uitzendkrachten. Wie als zelfstandige werkt via een opdrachtovereenkomst valt buiten deze regelgeving. Het juridische onderscheid tussen zzp’er en werknemer blijft bestaan zoals het is. De eis op gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten geldt expliciet niet voor zelfstandigen.

Eerste Kamer behandelt op 19 mei

Het wetsvoorstel ligt nu bij de Eerste Kamer. De commissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid bespreekt op 19 mei 2026 de procedure. Het onderdeel gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten moet bij goedkeuring uiterlijk 1 januari 2027 in werking treden; de overige onderdelen — bandbreedtecontract, ketenregeling, kortere uitzendfasen — gaan in op 1 januari 2028. Minister Vijlbrief heeft de senaat verzocht het wetsvoorstel vóór het zomerreces van 2026 te behandelen. De spoedbehandeling hangt samen met afspraken in het Europese Herstel- en Veerkrachtplan.”

Bron: Rijksoverheid · Tweede Kamer · Eerste Kamer

Over de auteur:
Redactie ZZP Nieuws publiceert dagelijks nieuws, duiding en updates voor zelfstandig ondernemers in Nederland. Lees meer over onze redactie.
Deel dit bericht via:

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in